Kangoeroewoningen en zorgwoningen : wanneer is 6 % mogelijk op de verbouwingswerken?


02 Apr 2019

Zorgwonen doet blijkbaar heel wat vragen rijzen op het vlak van btw en geeft aanleiding tot praktische moeilijkheden. Zorgwonen slaat op de vele uitdagingen door de vergrijzing. Die woonvorm is overigens niet alleen interessant voor ouderen, maar ook voor formules met jonge gezinnen (Parlementaire vraag nr. 1192 van de heer Jef Van den Bergh dd. 19 september 2016), zoals het kangoeroewonen en het zorgwonen in groep. De vraag in de praktijk is dan of de omvorming, verbetering, herstelling, renovatie in dit kader kan genieten van een verlaagd btw-tarief.

Aanpassing van gebouwen

Voor de omvorming van een oude woning tot een zorgwoning komt men slechts onder bepaalde voorwaarden in aanmerking voor het verlaagd btw-tarief van 6 %. Ik verwijs hiervoor naar het KB nr. 20 inzake de toepasselijke btw-tarieven en meer specifiek naar de bijlage, tabel A, rubrieken XXXI en XXXVIII.

Zodra de bedoelde werken in onroerende staat op een relevante manier gesteund zijn op de wezenlijke elementen van de bestaande structuur van het gebouw waarop ze betrekking hebben, zonder onderscheid met betrekking tot de benaming van die werking – omvorming, verbetering, herstelling, renovatie – vallen ze binnen het toepassingsgebied van het verlaagd tarief.

Wanneer de bestaande woning echter ook wordt uitgebreid, kunnen de onroerende werken slechts onder de hierboven beschreven voorwaarden worden beschouwd als een omvorming voor zover de oppervlakte van het oude gedeelte opweegt ten aanzien van het nieuwe gedeelte.

Bovendien is vereist dat het nieuwe gedeelte niet onafhankelijk van het oude gedeelte kan worden aangewend, maar het oude gedeelte aanvult en hiermee een geheel vormt. Indien dat niet het geval is, zijn deze werken te beschouwen als oprichtingswerken en zijn ze bijgevolg uitgesloten van de toepassing van het verlaagd tarief.

Zorghotels

Overeenkomstig artikel 44, §2, 2º, van het btw-Wetboek zijn vrijgesteld van de btw de diensten en leveringen van goederen die nauw samenhangen met maatschappelijk werk, met de sociale zekerheid en met de bescherming van kinderen en jongeren en die worden verricht door publiekrechtelijke lichamen of door andere organisaties die door de bevoegde overheid als instellingen van sociale aard worden erkend.

De voornoemde vrijstelling is de omzetting in Belgisch recht van artikel 132, 1, g) en h) van de richtlijn 2006/112/EG van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van de belasting over de toegevoegde waarde.

In de mate dat zorghotels deze activiteiten uitoefenen, kunnen de door deze instellingen verrichte handelingen de vrijstelling van artikel 44, §2, 2º W.BTW genieten voor zover ze door de bevoegde overheid erkend zijn als instellingen van sociale aard. Voor zover de administratie bekend is, erkent de Vlaamse Gemeenschap alleen centra voor kortverblijf verbonden aan bejaardentehuizen.

Wanneer zorghotels niet zijn erkend in de zin van wat voorafgaat, worden de verrichte diensten beschouwd als hoteldiensten en volgen ze derhalve de desbetreffende btw-regeling (Senaat, Handelingen - Commissie voor de Financiën, 2009, nr. 4-98 COM, blz. 3). Dit houdt in dat het verblijf (+ ontbijt) dan onderworpen is aan 6 %. De andere diensten van het zorghotel volgen hun eigen btw-tarief. Van belang is dat het niet erkende zorghotel recht op aftrek van de voorbelasting geniet.

Verbouwing van een ééngezinswoning tot een meergezinswoning

De vraag werd gesteld aan de Minister (Parlementaire vraag nr. 1481 van de heer Robert Van de Velde d.d. 8 februari 2017, Kamer, Vragen en Antwoorden, 2016-2017, QRVA 54/126 d.d. 17 juillet 2017, blz. 460) aangaande een privéwoning die wordt omgevormd tot een gebouw met een aantal wooneenheden (appartementsgebouw). Of m.a.w. de omvorming van een eengezinswoning tot een meergezinswoning. De afzonderlijke wooneenheden (appartementen) worden tot stand gebracht deels binnen het volume van het behouden deel van het oude gebouw, deels door uitbreiding van het oude gebouw (nieuwe aanbouw en/of bovenbouw).

Opdat het voornoemde verlaagd btw-tarief van toepassing kan zijn bij dergelijke uitbreidingswerken, moeten in de eerste plaats de uitgevoerde werken op een relevante wijze steunen op oude dragende muren en, meer algemeen, op de wezenlijke elementen van de structuur van het bewaard gebleven gebouw.

Bovendien moet de oppervlakte van het oude gedeelte groter zijn dan de helft van de totale oppervlakte van het gebouw na de uitvoering van de werken.

Tot slot is vereist dat het nieuwe gedeelte het oude gedeelte aanvult en er dus inzake aanwending van het gebouw een geheel mee vormt (Beslissing nr. E. T. 106.933 van 1 september 1994).

Gelet op het gebruik van de gemeenschappelijke delen in een appartementsgebouw, wordt aan deze voorwaarde geacht voldaan te zijn in geval van omvorming van een privéwoning tot een appartementsgebouw.

Bron: TaxWin